16 juni 2009

De wereld pulseert

Net als in de literaire poëzie heeft eigenlijk alles een ritme. De film Koyaanisqatsi levert hiervan een soort hypnotiserend bewijs. Beelden van zandkorreltjes dansend door de wind over de duinen. Voorbij zwevende wolkenpartijen die overigens niet in fast forward worden getoond, maar in werkelijke snelheid. Er borrelt een lichte frustratie op, want de beelden duren wel vijf minuten voordat het volgend natuurlijk schoon in beeld wordt gebracht. Maar dan ineens grijpt het je: het fascinerende spel van tijd en ruimte met Moeder Natuur in de hoofdrol. En dan maakt de snelheid van de film niet meer uit. Gevangen door de schoonheid van natuurkundige verschijningen kom je onbewust tot rust. En dit alleen maar door goed te kijken.

Het observeren van het ritme der natuur doet beseffen hoe slim en efficiënt ze eigenlijk is. Ze creërt een vorm en breidt deze uit door herhaling. Meestal met een duidelijke verschaling en/ of in meerdere dimensies. Zo heb ik vol winterse verwondering naar een op de ruit geplakte sneeuwvlok zitten kijken. Dit sneeuwkristal bestaat geheel uit een eindeloze herhaling van éénzelfde patroon. Je kunt blijven inzoomen, maar blijft altijd datzelfde model zien. Ook in de opbouw van een boom zie je die herhaling terug. In de nervenstructuur herken je de vorm van een boomstam weer. Een pure ontwerpmethodiek. Want waarom zou Moeder Natuur steeds opnieuw het wiel uitvinden?

Wij nemen daarom nog wel eens wat van haar over. Onze planologie als voorbeeld. Onze steden bestaan uit huizen met straten en huizen bestaan uit kamers met gangen. Dus een huis is een stad, maar op een andere schaal. Er zijn meerdere mensen die geïnspireerd zijn geraakt door deze manier van ‘bouwen’. Bijvoorbeeld Nico Scheepmaker met zijn ontwerp voor het cacaoblikje van Droste. Zo schonk Marcel Wanders ons zijn Egg Vase en Frederik Roijé zijn hanglamp Landscape Peak. Han Hoogerbrugge heeft gebruik gemaakt van deze bijzondere natuurwet in zijn litho ‘the dream’, waarin zijn hoofd zich als een fractal herhaalt.

15 maart 2009

Grensgevallen

Het interieur is een vertaling en extensie van de mens en zijn innerlijk. Het interieur is dus het exterieur van de mens en zijn gemoed, maar weer het interieur van de architectuur. De architectuur is een extensie van het interieur. Het landschap een extensie van de architectuur.

De architectuur vormt een grensgebied tussen het interieur en het landschap en dient tevens als dubbelzijdige façade. Het interieur vormt een grensgebied tussen de architectuur en de mens. Deze gebieden zijn dus eigenlijk allemaal grensgevallen, concreet met een binnen- en een buitenkant. En vanuit binnen gezien is de binnenkant binnen en de buitenkant buiten. Maar wat is buiten en wat is binnen?

Mijn gevoel zegt dat de ruimte die groter is, altijd buiten is. Buiten is immers oneindig. Dus interieur is de afgebakende omgeving zoals ik deze ervaar. Maar ook buiten kan een interieur vormen. Zo krijgt buiten spelen een heel andere betekenis, want op de wereldbol zijn de steden interieurs. In de steden is de architectuur het interieur. In de architectuur zijn de interieurs interieur. In het interieur is de inrichting interieur. In de inrichting is de inwoner het interieur. De mens als kern.

Ik stoei nog altijd met de vraag wat interieur precies voor mij betekent. Elke keer als ik over een grens gluur, val ik met mijn neus voorover in een nieuwe, verrassende wereld. Gelukkig blijven mijn voeten altijd aan de ontwerpersgrond genageld staan.

Winnipeg

Witte sneeuwkristallen worden over de kale vlaktes geblazen. Het beeld dat wij kennen wanneer de wind over zanderige stranden waait en langzaamaan een duin verplaatst. Ik heb ijsvrij en ben verheugd. Zo koud als het daarbuiten is, zo warm voel ik me van binnen. Vandaag zie ik mijn vriendje weer na 70 dagen alleen te zijn geweest. Ik vlieg naar hem toe om mijn warmte met hem te delen. Samen in winterwonderland. De sterren twinkelen en de kou verwelkomt me met een zachte bries. Ik steek mijn want tussen de zijne terwijl Louis Armstrong ‘What a wonderful world’ in mijn hoofd zingt.

Terwijl wij diep weggekropen onder de wollen dekens al slapend onze indrukken verwerken wordt er een witte ijsdeken over de stad gelegd. Warm en slaperig open ik mijn ogen en steek mijn koude neus verder boven de dekens uit. Vanuit het souterrain zien de uitgestrekte straten er wollig uit. De ramen zijn gestippeld met hier en daar een minuscule ijsbloem. De zon streelt het wit waardoor de buitenwereld glinstert. Ze vraagt of ik buiten kom spelen.

Na een warme douche en vijf lagen kleding later duw ik de met ijs geglazuurde voordeur open. Ik verwelkom het buiten met een nies. Met mijn rubberen zolen knisper ik door de verse sneeuw en markeer zo de weg naar espresso en anijscake. Koud krijgt hier een nieuwe betekenis. Een windvlaag herinnert me aan mijn nietigheid. Ook de zon maakt me bewust van haar kracht. Geen zon is geen warmte. Met de zon in mijn gezicht voel ik de achterkant van mijn benen afkoelen. Ik voel dat ik leef.

Weer binnen pel ik een laagje kleding af. De warmte doet mijn ledematen tintelen en ik voel me welkom. De winter spiekt door de ramen maar ik keer hem de rug toe. Ik geniet van het Winnipegse saamhorigheidsgevoel. Spelende kinderen, muziek, kletsende families, de geur van verse broodjes en vrolijke, kleurrijke winkeltjes. Alles onder één warm dak. Buiten wacht de witte winter trouw. Want hij wéét dat wanneer ik binnen ben ik toch weer naar buiten wil.

20 januari 2009

De wereld op zijn kop!

Moe worden, slapen gaan. Het is logisch dat wanneer je je ten ruste legt, je je het liefst begeeft naar het donkerste vertrek. Duisternis en een koele omgeving zijn de beste ingrediënten voor een goede nachtrust. Daarom slapen dieren graag in holen. Zij snappen het. Wij echter, bouwen onze nestjes zo hoog mogelijk, dicht bij de zon. En als het slaaptijd is rollen we de verduisterende gordijnen naar beneden.

Als onze slaapkamers eens grotendeels verzonken zouden liggen in het landschap, met daarboven de leefetage, dan zou dit automatisch voor een veilig cocongevoel zorgen. Het is er koel als de zon schijnt. Het is er warm wanneer de maan verschijnt. Verduisterende gordijnen zijn niet nodig door de verscholen ligging. Zodra de zon opkomt valt er een subtiel straaltje warmte naar binnen wat zich naarmate de tijd verstrijkt vermenigvuldigt. Je kruipt uit je warme bed. Je kruipt uit je warme holletje en eenmaal boven aan de trap strek je, overladen met ochtendglorie, elk spiertje even uit. Dat is pas prettig ontwaken.

De oplossingen van Friedensreich Hundertwasser sluiten hier mooi op aan. Het gebouw als je derde huid (met je huid als eerste en kleren als tweede huid). Met de vensters als de poriën van de woning. En voor elk raam een struik of boom als natuurlijke zonwering en zuivering van de lucht. Ook zijn oplossing om de natuur, die moet wijken voor architectuur, weer terug te plaatsen op diens dak draag ik een warm hart toe.

Boven wonen en beneden slapen. Slapen in de stilte van de duisternis. Wonen in het licht. Wonen dicht bij de zon. Met een dakterras zo groot als de wereld. Wat zou ik toch lekker slapen als de huizen eens op zijn kop zouden staan.
De wereld lijkt even stil te staan. Bevroren in een seconde. Maar het is slechts een illusie. Ik rijd haaks op een file af. De plek waar normaal iedereen voorbij raast is nu een stilleven van grote en kleine auto’s. Even een momentje van bezinning. Ik heb drang om even te stoppen en dit moment beter te aanschouwen, maar stilstaan op een doorgaande weg mag niet eens. Het wordt je gewoon verboden om soms even ergens letterlijk bij stil te staan. Stomme gehaaste wereld!

7 juni 2008

Jullie verwachten nu natuurlijk mijn allereerste ijskoude, op sneeuw geinspireerde column vanuit het Canadese Winnipeg. Helaas! Het is geen grapje, maar wegens werktekort hebben ze één dag voordat we het contract met de verhuizer zouden tekenen laten weten de boel af te blazen. Klets in je gezicht! Ontheemd gevoel. Je huis ligt overhoop, omdat de hele inboedel staat ingepakt. De timmerman legt de laatste hand aan de nieuwe vensterbank voor het ‘verhuur’, maar jij gaat voorlopig nergens heen.

Twee maanden lang zit je in een achtbaan van emoties en ineens zetten ze je karretje in zijn achteruit. Je wordt misselijk, raakt gedesoriënteerd en wil er zo snel mogelijk uit. Dat gaat dus niet. Alles wat we afgebouwd hebben, moeten we nu weer oppakken. Ondertussen nadenkend over nieuwe kansen en wegen. Er is hier genoeg leuks, nieuws en spannends, maar je hoofd zit al in Winnipeg.

Nu ik weer een beetje begin te landen zie ik ook de voordelen van dit net-niet-avontuur. Ik ben over mijn telefoonangst heen en weet dat je nooit loze beloftes moet maken en wél moet nabellen. Gelukkig kan ik mijn vermoeidheid nu laten verdampen in de zomerse zonnegloed. Ik kan de nieuwe meubels verwelkomen en op mijn gemak één voor één de verhuisdozen weer uitpakken. Zo’n doos is dan ineens een soort schatkist, want de waarde van de inhoud is binnen vier maanden gestegen tot een emotioneel hoogtepunt. Ik weet nu waar ik echt waarde aan hecht. Mijn spiegel is opgepoetst en ik geef gehoor aan mijn geneugten.

Al zaadjes strooiend en zonnend mijmer ik over mijn nieuwe stappen. Ik wil niet terug naar wat ik deed. Net als mijn jonge aanplant wil ik ook nieuw, fris en verwonderd de wereld instappen. Dus ik laat mijn lentekriebels over een tijdje los en zie wel waar ze landen. In ieder geval op hollandse bodem.

26 februari 2008

Puur beleven!

Verwonderd luidde ik 2008 in. Zo rein en puur als minimensjes geboren worden, zo puur ging ik de bevalling tegemoet van een dierbare vriendin. Om te voorkomen dat ik van mugjes ongedresseerde olifantenfamilies zou maken in mijn bovenkamer werden mij alleen de meest essentiële weetjes toevertrouwd door de aanstaande. Zo kon ik mij in alle innerlijke rust en ontwetendheid voorbereiden op dit speciale welkomsfeestje.

In die negen maanden ontwikkeling heb ik mij voortdurend verwonderd over de schoonheid van dit indrukwekkende natuurverschijnsel: de cirkel des levens. Wel. Mijn geromantiseerde idee van het bevallingsritueel stond in schril contrast met de oerkracht die vrijkwam tijdens de daadwerkelijke geboorte. En ik werd overrompeld door vrouwelijk trots. Twee generaties moeder, als estafette de wijsheid doorgevend in de vorm van nieuw leven. Het naakte minimeisje kwam al gorgelend boven water. Compleet gelukkig! Alle zintuigen rechts waren netjes gespiegeld over de Y-as. Moeder Natuur als grootste technicus ooit en het naakte wondertje als ’t summum van eco-design.

Wat ook bewonderenswaardig aan haar is, is dat ze mentaal blanco is. En langzaamaan wordt haar blik scherper en raakt ze steeds meer gefascineerd door alle prikkels om haar heen. En alles wat ze ziet, dat ziet zij alleen. Dat komt puur bij haar binnen, zonder dat iemand de kans krijgt er een stempel op te drukken. Gelukkig kunnen wij maxi’s die ervaring van het onbevangen ontvangen ook oproepen door de kunst der natuur te bewonderen. Herfstkleuren, zomerse geuren, eerlijke materialen en organische vormen. Altijd zal Moeder Natuur ons blijven verbazen met haar schoonheid en complexiteit. En blijven groeiprocessen voor haar de normaalste zaak van de wereld en voor ons altijd een wonder. Het zou geweldig zijn als wij onze ecowoede zo weten aan te wakkeren dat wij onze wondere wereld voor altijd in ere houden door het als ons eigen wonderkindje te aan- en beschouwen.

Tip: kinderwoonwinkel Puur Beleven!

12 januari 2008

Een lumineus idee

Het mooie van interieurpuzzelen is toch wel de zoektocht naar het licht. Niet zozeer in de zin van welke lichtbron waar moet komen, maar meer het moment waarop je het licht ziet. Zodra er een probleem in het licht gesteld wordt begint de ideëengenerator al te pruttelen. Het vraagstuk wordt tegen het licht gehouden en het wegen en meten kan beginnen. Terwijl jij je licht over de knelpunten laat schijnen vallen de stukjes één voor één op hun plaats. Je verschaft licht in de zaak en sluit de zoektocht af met een lumineus idee.

Het is eigenlijk bespottelijk dat het symbool voor dat lumineuze idee nog steeds de gloeilamp is. Ingevingen bieden natuurlijk altijd verlichting, zowel in lumen als in afweging. Maar de ideëen dezer daags worden ook steeds energiezuiniger. Wat zou moeten betekenen dat creatieve mensen niet meer met gloeilampen boven hun hoofd lopen, maar met een spaarlamp of een LED. De inventieve ouderen hoeven zich niet te schamen, maar ik ben wel van mening dat evolutie van het denkwerk doorgevoerd moet worden in de fictieve uiting van vindingrijkheid.

Stel nu dat iedereen daadwerkelijk met een lichtbron boven het hoofd zou lopen zodra een oplossing zich aandient. En dat de lichtbron leeftijdsgebonden zou zijn (pas op, hierbij valt de ware leeftijd niet meer te verloochenen). Dan zou dat een vrolijke lichtzee opleveren van peertjes, halogenen, spaarlampen en LED’s. En dan moet er ook serieus worden nagedacht over hoe we het ideëenverkeer blijven genereren. Inventiviteit als lichtaggregaat. Slaat het aan, dan zal de gemiddelde Nederlandse energierekening gestaag afnemen.

En een ander groot voordeel is dat natuur en cultuur de eigenschap hebben naar het licht te groeien. Wat betekent dat het generen van veel creativiteit beloond zal worden met een hoop lichtaanbidders. Daar kan toch geen neon tegenop?

City Canvas


Eddie Ayoub

Het zal je maar gebeuren... dat de deur naar de wijde wereld voor je wordt opengegooid. Dat je zomaar in het diepe mag stappen, om de wereld te verkennen en te veroveren.

Welnu, mijn talentvolle animator/ muzikant annex levenspartner is gevraagd te komen werken bij een visual effects studio in Winnipeg, dé kunstenaarsstad van Canada. Daar waar de kunst ook daadwerkelijk op straat ligt. En dat niet alleen. Koude buitenmuren van warme interieurs worden gebruikt als canvas voor hartverwarmende schilderingen. Op www.themuralsofwinnipeg.com is te zien welke creatieve uiting van wie waar te vinden is. Ik geloofde mijn ogen niet: 565 muurschilderingen en 150 beelden op een oppervlak twee maal zo klein als Amsterdam. Goed geconcentreerd dus! Een stad als museum.

Muurschilderingen en animatiefilm opgeteld is het stop-motion-kunstwerk Fantoche van de Italiaan Blu. In dit werk kruipt een verfmannetje uit een luik van een bestaande ruimte. Vervolgens kruipt het schepsel over wanden & plafond, transformeert en dupliceert meerdere malen en eet zelfs nog wat papieren notities als snack. Want wie heeft er papier nodig als je een kale ruimte tot je beschikking hebt. Uiteindelijk kruipt het hart van de schildering weer terug in het gat waaruit het vandaan kwam, om vervolgens weer opnieuw zijn rondje door de kamer te kruipen in al zijn wonderbaarlijke verschijningen. Dit alles met zwart & wit geschilderd, laag over laag, en tot vloeiende bewegingen gemonteerd. Ook de rest van Blu’s werk en vooral de work-in-progress filmpjes, waarin hij op grauwe muurvlakken indrukwekkende muurmannen en letterlijk ontluikende taferelen schildert, zijn absoluut het bewonderen waard.

Een goede glimlachopwekker is het krachtige muur- en animatiewerk van Tomas Schats. In alle eenvoud weet hij de essentie van alledaagse dingen te vangen. Bij de teksten uit zijn boekje "Fisherman's Friend" zie je precies waar hij op het moment van opschrijven naar zit te kijken. Als hij met zo weinig tekst al zo beeldend en detailistisch kan zijn, dan is het bijna vanzelfsprekend dat hij met zijn simpele lijnenspel zulke grote gebaren kan maken.

Winnipegs murals
BluBlu's blog
Tomas Schats

Gij spetter!


Mijn oog viel op een advertentie met iconen van tenten waardoor mijn zininromanticituigen werden aangeslingerd. Dagdromend over de jeugdvakanties met mijn beste vriendinnetje in een krap tentje, zij lezend, ik luisterend met mijn ogen dicht naar het ritme der natuur, plande ik wat expositiebezoeken in.


Het werd een reis door het halve land van tentoonstelling naar tentoonstelling. Een inspiratieboost waar ik waarschijnlijk een half jaar op zou kunnen teren, fantaseren, verhalen en vertalen. Een van de hoogtepunten van de reis waren de oergevoelige tenten met hedendaagse reflecties in en rond kasteel Het Nijenhuis. Met de weergoden als regisseurs van mijn ontdekkingsreis.


Wandelend door de kasteeltuin werd ik meerdere malen verrast door vrolijk ogende bouwwerken, wapperende draagvlaggen en coconvormige bouwsels. Alle wisten wel een glimlach te ontluiken. Ik was verwonderd van het hoge Alice-in-Wonderlandgehalte waarin de schuilplaatsen opgesteld waren. Af en toe werd ik aangetrokken door een met bladeren overdekte laan of een boom die zijn wortel uitstak en leek te zeggen: kom maar even zitten en geniet van mij en mijn familie. Ik ben ingegaan op zo’n uitnodiging toen het spontaan begon te stortregenen. Onder een immense boom sta je dan veilig. Droog blijvend met uitzondering van af en toe een grote druppel die uiteenspat op je neus. Deze druppels zorgen er normaal gesproken voor dat het tapijt genoeg gevoed wordt. Het tapijt van groenst groen dat mijn teenslippers koestert tijdens deze waterval. Op zo’n moment was de romanticus in mij er toch van overtuigd dat de natuur de mooiste schuilplekken biedt. De tentoonstelling is erg leuk, maar de hoosbui heeft deze dag een gouden regenboograndje gegeven.


SHELTER was de zomerexpositie van Museum de Fundatie in Kasteel het Nijenhuis.


Verkleuring


Angel - Silvia B.

Zo zwart-wit als je geboren wordt, zo kleurrijk ga je dood. Vergrijzing is mijns inziens dan ook een verkeerd woord. Want hoe grijzer de mens, des te kleurrijker de geest. Al die bagage maakt een vrolijk kleurenspel waarmee de kinders weer gevoed worden.

Ik ben van mening dat ervaring en overdrachtsdrang de mensen juist sieren. Ik ben jong, maar weet zeker dat ik het niet wil blijven. Alle fases des levens hebben zoveel schoonheden. Het mooie is dat deze naarmate de tijd verstrijkt automatisch meilleren. Je weet al zoveel, maar de behoefte aan prikkels blijft aanwezig. En ondertussen voeg je al je indrukken samen en vorm je je eigen visie. Je neemt onderweg zoveel mee, bouwt kennis op en toch zijn er dingen waar je altijd jong in zal blijven. Je bent alleen maar jong als je jezelf kan blijven verbazen.

Natuurlijk is ontwetendheid en onschuld een zegen. Maar altijd jong blijven zou betekenen dat je nooit een ander iets wijs kan maken. Dat je nooit een ander kan doen laten verbazen. Het beter weten laat je beseffen dat je wijs bent en je iets kan betekenen voor een ander. Een eerlijk gevoel van eigenwaarde. Het is toch heerlijk dat je als ervaren ontwerper kennis overdraagt en er een jong gevoel voor terug krijgt. Want jongeren houden je scherp. En dat is fijn: ervaren zijn en je jong voelen... het maakt dus echt niet uit wanneer je geboren bent!

Wi-wa-wonderbaar

Als klein kunstenaresje in spé kreeg ik altijd origamiblaadjes voor mijn verjaardag. Ik bleef maar gefascineerd door dat platte stapeltje papier waar je uiteindelijk hele dierenkolonies van kon vouwen. Zwermen vogels vlogen jarenlang over mijn bed. Naar aanleiding van deze beestenboel kocht mijn vader voor mij een origamiboek. Een boek vol met foto’s van wonderbaarlijke papierconstructies. Natuurlijk was ik toentertijd alleen geboeid door de kaartmodellen die opengeklapt tonguitstekende spoken tevoorschijn toverden en schapen die door dubbelvouwtechnieken een soort spiegelbeeld van zichzelf vormden. Alsof het schaap op een grote plas water stond te blaten naar haar spiegelbeeld. Toen al vond ik dat negatief al net zo boeiend als het positief.

Juist nu, in het digitijdperk, gebruik ik meer papier dat ooit. Ik moet mijn gedachtenschetsen ergens laten. Een leeg vel papier nodigt altijd uit tot schetsen. En natuurlijk knippen, snijden, scheuren en vouwen. De poëzie van de vervorming. Transformatie in zijn zuiverste vorm. Een meester in origami, Masahiro Chatani schreef over zijn kaarten met papierconstructies: “Als u zo’n gevouwen constructie [...] openvouwt, ontstaat er een wonderbaarlijke beweging en komt er een constructie omhoog die zo interessant en fascinerend is dat u ervan in de ban zal raken.”

Dat is het! Je wordt gevangen door zo’n bouwwerkje. Een vlak dat zo gesneden en gevouwen wordt dat er automatisch een 3D wereld ontstaat die je vangt door licht en schaduwspel. Het positief en negatief dat van rol wisselt rol zodra de lichtbron zich verplaatst. Een dansende schaduw. En tot slot de beweging van het in- en uitklappen. Door de vouwen weer uit te vouwen ben je terug bij af. Beweging als transformatie. Van niets naar iets naar niets.

Bekijk de site van Masahiro Chatani eens en verwonder de liefde voor het papier waarmee hij prachtige dingen maakt. Ook het werk van Ingrid Siliakus is betoverend. Haar schaduwspellen en haar gouden vingers laten de wereld heel even stilstaan.

Origami – modellen om zelf te maken (1985)
Masahiro Chatani

Ingrid Siliakus